Voor het goede begrip dient men een onderscheid te maken tussen het wettelijk kader waarbinnen verpleegkundigen werken en wat er in de RIZIV-overeenkomst verpleegkundigen-verzekeringsinstellingen (conventie) is vastgelegd betreffende vergoedbare verpleegkundige handelingen in de thuisverpleging.
In de wet wordt nauwgezet beschreven wat verpleegkunde is, voor welke handelingen de verpleegkundige bevoegd is ze te stellen en onder welke voorwaarden. De verpleegkundige is bijgevolg voor deze handelingen ook zelf verantwoordelijk. Echter niet al deze verpleegkundige handelingen worden vergoed in de thuisverpleging (wel binnen de forfaits voor zwaar zorgafhankelijke en palliatieve patiënten).
Daarnaast wordt in de wetgeving een onderscheid gemaakt tussen verpleegkundige handelingen waarvoor wel of niet een medisch voorschrift vereist is. Verpleegkundigen mogen wettelijk dus autonoom handelingen stellen (B1). In de thuisverpleging is het echter zo dat voor elke verpleegkundige zorg een voorschrift van de arts vereist is (behalve voor hygiënische zorgen).